Data vinden

Wanneer je beleid met data wil onderbouwen is het cruciaal de goede data te kunnen vinden. Data-Kompas voorziet in de juiste tools om deze data te kunnen zoeken en deze direct te gebruiken.

Dit hoofdstuk laat zien hoe je data kunt zoeken, vinden en kunt tonen. Geïnteresseerd in hoe je data kunt analyseren binnen Data-Kompas? Lees dan het hoofdstuk data analyse.

Deze tools om data te analyseren binnen Data-Kompas zijn te vinden onder het kopje "Data-analyse" in de menubalk. Binnen dit menu zijn drie submenu's:

Zoeken

Met de zoekfunctie kun je datasets zoeken en kijken welke data beschikbaar is voor jouw vraagstuk. Net zoals een internet zoekmachine kun je beginnen met zoeken door termen in te toetsen in de zoekbalk. Zo kun je zoeken op 'AOW uitkeringen', 'Hernieuwbare energie', of 'Huurwoningen'.

De zoekfunctionaliteit wanneer deze geopend wordt

Data-Kompas zoekt door alle beschikbare datasets en geeft u snel resultaat. Er wordt gezocht door zowel de titel, als beschrijving en inhoud van de dataset.

Filters

Soms is het moeilijk om de juiste zoektermen te bedenken, of zijn er erg veel resultaten en is het nog lastig om de juiste dataset te vinden.

Resultaten kunnen specifieker gemaakt worden met filters. Deze filters zijn gebaseerd op de inhoud en structuur van de dataset. Zo kun je bijvoorbeeld filteren op jaartal 2019, zodat alleen datasets worden getoond die informatie hebben over 2019.

Of je kunt filteren op datasets alleen afkomstig vanuit het CBS, door het filter voor de bron te gebruiken en hierin op CBS te klikken.

Beschikbaarheid van data

Data-Kompas zoekt in de data die voor jouw account beschikbaar is. Voor publieke accounts zijn dit over het algemeen alleen de open data vanuit CBS Statline of Het data portaal van de nederlandse overheid.

Wanneer jouw organisatie een licentie heeft bij Data-Kompas, worden ook datasets vanuit binnen jouw organisatie getoond.

Data gebruiken

Als u de juiste data in het zoekscherm heeft gevonden selecteerd u de dataset door op deze te klikken. De geselecteerde dataset zal blauw kleuren en het volgende scherm verschijnt:

Een dataset is geselecteerd

Nu wordt er informatie van deze dataset getoond, als mede de informatie die binnen deze dataset beschikbaar is. Voor statistische informatie worden verschillende indicatoren getoond.

Groepering van indicatoren

Veelal zijn indicatoren binnen een dataset gegroepeerd. Dit is aangegeven door een ">" voor een groep. Door hierop te klikken worden de indicatoren binnen de groep weergegeven.

Selecteren en visualiseren van een indiator

Door op en indiator te klikken wordt deze geselecteerd en wordt deze getoond in een 3e kolom (de meest rechtse). Vervolgens zijn er verschillende opties om met deze indicator aan de slag te gaan.

Een indicator is geselecteerd

  1. Maak een vergelijking
    • Deze optie kun je gebruiken om direct een grafiek te maken van deze indicator, op basis van de dimensieinformatie die beschikbaar is
  2. Bekijk tabel
    • Wanneer je met de ruwe data aan de slag wil kun je het beste deze optie selecteren
  3. Bekijk op de kaart
    • De kaart is uitermate geschikt voor geografische data, om deze te tonen, te bewerken en te analyseren.

Informatie over datasets

Data-Kompas werkt met uitgebreide metadata beschrijvingen van datasets. Door hiermee te werken heeft Data-Kompas veel informatie over de data waar je mee werkt en kan je dus helpen om de analyse op de juiste manier uit te voeren.

De analyses die Data-Kompas uitvoerd worden achter de schermen voorzien van nieuwe metadata. Deze informatie beschrijft de resulterende data en wordt gebruikt om bijvoorbeeld titels en beschrijvingen van grafieken te genereren.

Dimensies

Een dataset heeft dimensies en indicatoren. Kort gezegt is een dimensie een uitsplitsing en is een indicator een bepaalde meetwaarde.

Een dimensie is een specifieke uitsplitsing van data. Stel dat we een dataset hebben die voor elke gemeente beschrijft hoeveel inwoners deze gemeente heeft. In dit geval is "Gemeente" een dimensie, omdat de waarden zijn uitgesplitst per gemeente.

Deze dimensies zijn ideaal tijdens een data-analyse, omdat deze makkelijk gebruikt kunnen worden om berekeningen uit te voeren. Zo kun je makkelijk van de Gemeenten dataset een landelijke dataset maken door alle waarden bij elkaar op te tellen.

Zo wordt de Regio dimensie met gemeenten direct herkent, en zorgt deze ervoor dat u de data direct op de kaart kan tonen. Eenzelfde automatisme is aanwezig voor de "tijdsdimensie", welke direct gebruikt kan worden om trends te plotten.

Indicatoren

Elke dataset heeft een bepaalde set aan indicatoren. Sommige datasets hebben slechts 1 of 2 indicatoren, terwijl anderen er 100 of meer hebben. Vaak wordt tijdens het maken van een grafiek slechts 1 indicator geselecteerd om deze te kunnen tonen.